Docenten stellen vragen of gebruiken andere technieken om feiten te verzamelen over de voortgang van studenten. Dat vormt meestal het hoofdbestanddeel van de les. Vaak doet de docent het zware werk en hebben de studenten een bijrol; in veel gevallen zijn ze er zelfs ‘niet helemaal bij’. Als je wilt dat je studenten leren, is het van groot belang dat studenten betrokken blijven. Studenten haken soms af omdat de leerstof bijvoorbeeld te moeilijk is of zij de aangereikte oefeningen te moeilijk of te gemakkelijk vinden. Om goed les te kunnen geven, moeten we achterhalen wat studenten al weten. Omdat studenten niet altijd leren wat wij hun willen meegeven, is het essentieel dat we erachter komen wat studenten wél weten. Dit kan door goede vragen te stellen, opdrachten met voldoende moeilijkheid aan te bieden en activiteiten in te zetten om informatie te verzamelen van de hele klas.